May 2012
5 posts
Mijn vrienden lijken vreemden, mijn familie niet van mij
Uit het raam van de derde etage klinkt het kraken van een wasrek. Zeven muizen hangen aan hun staart te drogen, veertien ogen kijken angstig de woonkamer in. Het behang is vergeeld, het tapijt doordrongen met een penetrante lucht van pruimtabak en blikken bier. Aan de kapstok hangt een regenjas. De eens rinkelende zakken zijn op lucifers na leeg. Temidden van naar binnen gewaaide bladeren breekt...
Molière
Ze participeert in padvinderij uit voorliefde voor de Franse taal. Malaisesoezen, misèrebiscuit, malheurmakronen. De patissier speldt haar schouders op aan insignes voor de opbrengst van de koekjeskraam.
Scheepsbeschuit
Jij en ik waren volleerd zwemmer maar verleerd hoe zinken ging. Dinsdag dreven we stuurloos op zee en leegden onze longen in de opblaasboot waar je lippen beurs gekleurd knarsten op de sporten van de trap en je gorgelend gebaarde dat zelfs jouw benen zeeziek zagen. Ik hengelde naar bellen doodgefloten door een mond vol beschuit.